Nergens op de eilandengroep merkt u zo sterk de vulkanische oorsprong als op
Lanzarote, het meest noordoostelijke eiland van de Canarische archipel en het vierde in grootte na
Tenerife,
Fuerteventura en
Gran Canaria. Hoge bergen ontbreken op Lanzarote, dat 58 bij 20 kilometer meet. Het heuvelige landschap bestaat uit lava met ruim 100 kraters en 300 vulkaankegels. In het noorden ligt het rotsmassief Riscos de Famara met de Peñas del Chache (671 meter) als hoogste top. In het zuiden liggen de Los Ajaches met de Hacha Grande.
In het westen ligt het massief van Timanfaya met de Montañas del Fuego (Vuurbergen) en de gelijknamige hoogste top.
De kust heeft een groot aantal baaien en door rotsen geflankeerde stranden, vooral in het zuidoosten van het eiland. De bodem van Lanzarote kan in twee soorten worden verdeeld, uitgaande van de tijd waarin de vulkaanuitbarstingen hebben plaatsgevonden. De laatste grote uitbarsting ligt tussen de jaren 1730 en 1736. Het vruchtbare westelijke deel van het eiland werd toen met een laag lava en as overdekt. De eruptie van 1824 heeft drie maanden geduurd, maar de gevolgen daarvan waren minder ingrijpend.
In het westen, het gebied van het nationale park van Timanfaya waar zich de uitbarstingen van de laatste twee eeuwen hebben voorgedaan, waant u zich in een kaal maanlandschap. De gestolde lavatongen, afkomstig uit tientallen kraters, zijn er keihard en laten geen enkele begroeiing toe. In het noorden is het lavadek enigszins verweerd. Bovendien is er water aanwezig in onderaardse grotten, zodat er wat landbouw mogelijk is. In het overige deel van het eiland, waar de uitbarstingen in de oudheid plaatsvonden, is het terrein zacht glooiend. De lava is er verweerd tot een fijnkorrelig poeder, grijs en zwart van kleur.
Door het gebrek aan echte bergen heeft Lanzarote een droog woestijnklimaat. Ook waait hier soms de uit Afrika afkomstige verzengende en zandrijke Saharawind. De gemiddelde neerslag bedraagt 20 centimeter per jaar. De temperatuur van de lucht schommelt op het eiland tussen de 15 en 26 graden Celsius. De begroeiing bestaat hoofdzakelijk uit de Canarische palm en cactussen.