Het kleinste en meest onbekende eilandje van de Canarische archipel is El Hierro. Ondanks het feit dat het eiland zo klein is heeft het een grote diversiteit aan landschappen maar het kenmerkt zich voornamelijk door een hooggelegen binnenland, met kliffen die soms meer dan 1000 meter uit de zee oprijzen. Deze kliffen maken de kusten tot een spektakel waar geen zandstrand aan kan tippen.
De beste plaats om als toerist op het eiland te verblijven is waarschijnlijk Frontera of het nabij gelegen Tigaday.
Dit zijn plaatsjes in het gebied El Golfo. Dit ligt in een laagvlakte aan de noordwest kust. Het dal is omringd door een halve cirkel, hoge rotswanden. Lang geleden is hier een derde deel van het eiland afgebroken en in zee verdwenen. Nadeel hier is wel dat regelmatig passaatbewolking tegen de rotswanden blijft hangen zodat dit niet de meest zonnige zijde van het eiland is. Voor de zon kunt u het beste La Restinga in het zuiden opzoeken.
Het natuurschoon en de rust die er op het eiland heerst, maken het erg geliefd bij liefhebbers van rust en natuur. De meeste aspecten van het Canarische landschap komen op dit eiland op een kleine oppervlakte aan bod. Van bos tot zee en van een ruig lavalandschap tot een lieflijk Schots aandoend hoogland. Door de ligging in de zuidwesthoek van de archipel werd El Hierro als het uiteinde van de wereld beschouwd en om die reden liep hier vroeger dan ook de nulmeridiaan die later naar Greenwich is overgeplaatst.